N-VA betreurt gebrek aan eenduidige regeringsvisie inzake hervorming fiscale regels sportclubs

Door Wim Van der Donckt op 25 november 2021, over deze onderwerpen: Financiën, Sport
Indoor sport

N-VA-Kamerlid Wim Van der Donckt reageert op het herwerkte voorstel rond de nieuwe fiscale regels voor sportclubs van minister van Financiën Vincent Van Peteghem (CD&V) en betreurt vooral het gebrek aan een eenduidige visie in de Vivaldi-regering. “Wij kunnen niet meer volgen. De regering ondermijnt haar eigen plannen om de solidariteit tussen grote en kleine sportclubs te verhogen. Bovendien brengen ze de financiering van zowat hun enige voorstel om werken wat lonender te maken, de afschaffing van de BBSZ, in het gedrang”, aldus Van der Donckt.

Het plafond van de fiscale kortingen per club wordt verhoogd van 4 miljoen euro naar 12 miljoen euro. Dit betekent dat een nog groter deel van de financiële voordelen bij de grote (voetbal)clubs zullen terechtkomen. “De bedoeling van de hervorming was nochtans om te gaan naar een systeem waarbij er meer solidariteit bestaat tussen de grote en de kleine sportclubs. Maar dat voornemen wordt bij deze alweer ondergraven”, reageert Kamerlid Wim Van der Donckt (N-VA).

“We begrijpen bovendien niet hoe de minister deze ingreep rijmt met de Europese staatssteunregels. Daarnaast ondermijnt een dergelijke taxshift ook het voornemen van de regering om werken lonender te maken”, legt Van der Donckt uit. “De sterke verlaging van de sociale en fiscale voordelen voor de sportbeoefenaars moest namelijk zorgen voor de financiering van de afschaffing van de Bijzondere Bijdrage voor de Sociale Zekerheid (BBSZ).” Het is één van de eerste maatregelen die deze regering aankondigde om werken lonender te maken. “En dan nog stelt ze niet veel voor. Open VLD-voorzitter Lachaert noemde ze zelf ‘beperkt’ en ‘symbolisch’ in Villa Politica”, verduidelijkt de N-VA’er.

Maar zelfs die beperkte netto loonsverhoging voor de burger komt nu dus in het gedrang, omdat één van de budgettaire pijlers om die afschaffing van de BBSZ te kunnen financieren ondermijnd wordt.

“Ondertussen hebben diezelfde liberalen en diezelfde regering er geen enkele moeite mee om in budgettair moeilijke tijden zeer sterke verhogingen van de uitkeringen voor inactieven door te voeren”, aldus Van der Donckt. Het Kamerlid verwijst naar de verhoging van het leefloon met minstens 12,75% en de verhoging van de werkloosheidsuitkering tot 8,5% tegen 2024, bovenop de index.

“Het is duidelijk waar de prioriteiten van deze regering liggen”, besluit Van der Donckt.

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is